In 2011 keerde Guido Heijnen samen met zijn vrouw Betsy terug naar zijn geboortegrond in Meerssen. Ze kochten een huis uit de jaren vijftig dat ze stukje bij beetje verduurzamen. Het meeste werk is gedaan, maar er staan nog wel een paar projectjes op het verlanglijstje. ‘Deze zomer komt hier die vijver’, wijst Guido als hij trots een rondje door de wilde tuin achter zijn huis maakt. ‘Eén bij twee meter. Belangrijk voor vogels en insecten. Dan is de tuin wel zo’n beetje klaar ja. Kan ik dan aan dat grijswater-circuit beginnen. Belachelijk eigenlijk om de wc’s met drinkwater te spoelen.’
Praat met Guido Heijnens over verduurzaming en een middag is niets. ‘De natuur heeft me altijd geïnteresseerd’, steekt de nu 71-jarige Guido, opgegroeid in een gezin met zes kinderen, van wal. ‘Al op de middelbare school trokken we met een groepje jongens de hei op, speurend naar vogels en andere dieren. We telden de vleermuizen in de grotten langs de Dellen, waren lid van het IVN en protesteerden destijds tegen de aanleg van de autoweg Maastricht-Heerlen. Ik kan er nog kwaad om worden, wat een aantasting van de natuur.’
Natuur en duurzaamheid
De keuze voor biologie in Nijmegen en een vervolgstudie in Wageningen verbaast niemand, net als de aansluitende loopbaan bij aardappelzetmeelbedrijf AVEBE
als afvalwatertechnoloog. ‘Ik ben altijd wel met duurzaamheid en de natuur bezig geweest. Mijn eerste grote klus bij AVEBE was het opzetten van een waterzuiveringsinstallatie bij de fabrieken in Groningen. Daarna heb ik er nog jaren gewerkt als milieutechnoloog en plantmanager voordat ik een consultancybedrijf ben gestart. Met prachtige klussen zoals projectleider duurzaamheid bij het verplaatsen van de dierentuin in Emmen vanuit het centrum naar een andere locatie (Wild Lands). Maar ook het mee-ontwerpen en bouwen van de grootste vergistingsinstallatie van Nederland in Coevorden. Jaarlijks goed voor 25 miljoen kuub biogas en het verduurzamen van de nieuwe dierentuin in Emmen’
Hybride Cv-ketel
Een paar jaar voor zijn officiële pensioen landen Guido en Betsy in Meerssen. Zonder hun drie kinderen die inmiddels zijn uitgevlogen, maar wel in een gedateerd huis dat aandacht vraagt. ‘Eerst hebben we de spouwmuren geïsoleerd, daarna de kozijnen vervangen en HR++-glas geplaatst, vervolgens de vloer tussen de begane grond en de kelder geïsoleerd met Tonzon. De grootste ingreep was een paar jaar geleden: de vervanging van de Cv-ketel door een hybride pomp. Dat is een pomp die warmte uit de buitenlucht haalt met een ventilator. Alleen als het echt koud is, dan is er nog een beetje aardgas nodig. Het gasverbruik daalde van 1500 kuub naar 300. Ook omdat we alleen de benedenverdieping verwarmen en de thermostaat niet te hoog zetten. Energiebesparing heeft ook met leefstijl te maken.’
Betere wereld
De hybride warmtepomp koste zo’n 10.000 euro en verbruikt zo’n 1500 kilowattuur stroom per jaar. ‘Die investering verdienen we wel terug. Aan het bespaarde gas uiteraard en omdat we met 16 zonnepanelen, die was ik nog vergeten te noemen, zo goed als quitte spelen. Maar het gaat ons niet om het geld. We hadden al zonnepanelen toen die peperduur waren (1999) en weinig opleverden. Nu heb je ze zo terugverdiend en draag je bij aan minder fossiel energieverbruik. We willen graag zo weinig mogelijk energie gebruiken, bewust leven en bijdragen aan een betere en gezondere wereld. Sinds 1975 zijn we vegetariërs. En ja natuurlijk zijn we in een positie dat we kúnnen investeren in duurzaamheid. Maar het is ook een keuze. Er zijn veel subsidiepotjes en zachte leningen. Eigenlijk bereikbaar voor bijna iedereen, maar de mensen zijn vaak een beetje huiverig en wachten af. Met Duurzaam Meerssen willen we mensen graag de weg wijzen.’
Ruwe tuin
Terug naar de tuin, grenzend aan de Geul, die inmiddels ook is omgetoverd tot een voor flora en fauna aantrekkelijke plek. Een oude garageloods heeft plaatsgemaakt voor een bescheiden tuin met fruitbomen, kippenhok en ruw gras met bloemen en struiken. De bestrating is verwijderd, de oprit is aangepast zodat er regenwater door de stenen kan zakken, op het schuurtje en de aanbouw zijn sedumdaken gelegd. Eén deel van de gevel is geschikt gemaakt voor planten waar ook nog eens vogels in broeden, net als onder de dakpannen en de verschillende vogelkastjes.
Het gazon is verrijkt met fruitbomen, struiken, inheemse kruiden en bloemen. Er zijn drie zogenoemde egelhotels en speciale constructies rond struiken waar vogels kunnen schuilen voor roofvogels en katten. Een “wormenhotel” levert natuurlijke mest. ‘Allemaal relatief eenvoudige aanpassingen en ingrepen’, besluit Guido. ‘Zelfs op paar vierkante meter kun je veel doen. Nu nog dat grijswatercircuit en we zijn zo goed als klaar.’